Evelien Tonkens – De zorgdecentralisaties in het nieuws van 2015: ouderenmishandeling, burenoverlast en kindverwaarlozing.

IMG_9788De decentralisaties die per 1 januari 2015 ingaan, zijn slim naar buiten gebracht door de overheid, volgens Evelien Tonkens, hoogleraar Burgerschap en Humanisering van Instituties en Organisaties aan de Universiteit voor Humanistiek in Utrecht. Het beleid staat bol van romantiseringen, onder de overkoepelende belofte van ‘nabijheid’, waar de journalist doorheen kan prikken.

“Het zijn allemaal best wel goede ideeën”, zegt Tonkens, die niet louter cynisch wil overkomen. Per 1 januari 2015 gaan drie decentralisaties in. Langdurige zorg, jeugdzorg en arbeidsre-integratie vallen vanaf dan onder de verantwoordelijkheid van de gemeenten. “Het ‘één gezin, één plan, één hulpverlener’ is in theorie een vooruitgang.” Toch romantiseert de overheid het beleid, volgens Tonkens. Ze geeft de “doorgaans brave” journalist handvaten om de romantiseringen door te prikken.

Romantisering 1: de mantelzorger

Twaalf procent van de werknemers combineert werk met mantelzorg. De helft daarvan, 450.000 personen, is overbelast. Te weinig tijd en geduld werken ouderenmishandeling in de hand. Veel gemeenten hebben steunpunten mantelzorg met gespreksgroepen e.d. maar wat hebben mantelzorgers daar precies aan? Veel mantelzorgers hebben daar geen tijd voor en hebben gewoon handen aan het bed nodig.

Romantisering 2: zelfredzaamheid

Zelfredzaamheid betekent hier een verschuiving van afhankelijkheid van overheid naar sociale omgeving. Tegelijkertijd wordt er bezuinigd op begeleiding van ouderen (hulp bij boodschappen of administratie). Omdat ouderen niet als ‘zwaar geval’ gezien willen worden, zullen zij niet gauw zelf hulp zoeken. Hoe wordt schaamte voor afhankelijkheid opgevangen?

Romantisering 3: de buurt

Er wordt veel van de buurt verwacht maar promotie-onderzoek van Femmianne Bredewold wees uit dat mensen met psychiatrische achtergrond of verstandelijke beperking vooral met buren vaak moeizame contacten hebben, vooral doordat de contacten met buren moeilijk te begrenzen zijn. Juist goedwillende buren komen soms in conflict wanneer ze de buurman met een verstandelijke beperking een keer helpen met zijn administratie maar hij dan elke dag met zijn post komt aanlopen. Wat wel goed gaat zijn oppervlakkige, lichte contacten op straat, vooral met hondenbezitters die even een wandelingetje met de hond maken, en in winkels met winkeliers.

Romantisering 4: de actieve burger

De bevolking bestaat grofweg voor een derde uit actieve burgers. Deze zogeheten civic core stemt, protesteert, dient klachten in tegen de overheid, etc. Het gevaar is dat zij de politieke agenda bepalen ten koste van de rest. Bovendien houden burgerinitiatieven het vaak niet langer uit dan drie jaar. Tonkens raadt de journalisten aan eens te graven naar burgerinitiatieven die ouder zijn dan drie jaar – wat is er daarvan terecht gekomen?

Romantisering 5: de generalist

“Eén gezin, één plan, één hulpverlener” vraagt om duizendpoten in de thuiszorg. Het gevaar is dat veel hulpverleners niet voldoende vooropleiding hebben. Hoe gaan gemeenten hiermee om?

Romantisering 6: arbeidsmarkt voor mensen met een beperking (mmb)

Het blijft tot nu toe bij vage beloften als een toename van 125.000 arbeidsplaatsen voor mmb. Hoe wordt dat bereikt?

Romantisering 7: bestuurlijke nabijheid

Nederland heeft zich volgens Tonkens niet bepaald bewezen in bestuurlijke nabijheid. Lokale problemen worden te vaak weer landelijk opgelost, waardoor gemeenten toch langs één meetlat worden gehouden.

Menno Sedee

 

Klik hier voor de presentatie van Evelien Tonkens.

En klik hier voor meer informatie over Evelien Tonkens.