Arnoud Boot

De euro en Nederland. De politieke en economische speelruimte voor de euro.

‘De euro is voor 95 procent politiek’, stelt prof. dr. Arnoud Boot. De problemen die de euro ondervindt, hebben volgens de hoogleraar Ondernemingsfinanciering en Financiële Markten aan de Universiteit van Amsterdam dan ook alles met de Europese politiek te maken.

bIMG_1578De euro is volgens hem ingesteld vanuit het ideaal van nooit meer oorlog, èn de euro werd gezien als een middel tot onomkeerbare integratie. Jammer, zo stelt hij, dat zaken daardoor zo op scherp worden gesteld. De interne markt zonder euro viel nog zo veel te verbeteren. Nu is er angst. De politici van Europa willen de politieke bereidheid uitstralen dat ze kost wat kost  elkaar vast zullen houden. We willen uitstralen dat we het onder controle hebben, dat we één Europa zijn en dat de bankenunie het gemeenschappelijk vangnet van Europa is, te vergelijken met de bankenunie in Amerika. Toen Californië daar failliet ging was er ook een algemene bereidheid en automatisme tot ‘burdensharing’.

Hier ligt volgens Boot echter het probleem. Wij zijn geen Amerika. Dat de financiële problemen in Californië niet eens een rimpeling veroorzaakten in de rest van het land, komt doordat het ondenkbaar is dat Californië ooit uit de Verenigde Staten van Amerika stapt. In Europa is het niet vanzelfsprekend dat de landen in de euro blijven. Politici blijven afhankelijk van de eigen bevolking en moeten ingenieuze manieren bedenken om ook het Europese belang te dienen. Dit is een realiteit die we volgens Boot onder ogen moeten zien.

Kapitaalstromen

Waar we vooral op moeten letten, zijn volgens Boot de kapitaalstromen. Het wordt gevaarlijk wanneer een land van buitenlandse valuta afhankelijk is. Dit is wat het faillissement in Argentinië veroorzaakte (Dat land leende in US dollars), en ook waar het bij Spanje en Griekenland fout ging (de euro is een buitenlandse valuta voor alle eurostaten). Het is onmogelijk voor een land om failliet te gaan in de eigen valuta. Elk land kan zichzelf namelijk met het creëren van nieuw geld blijven financieren. Maar met de euro hebben we allemaal een buitenlandse valuta, en de geldkraan kan niet worden geopend door een individueel land.

Boot neemt Spanje als voorbeeld: buitenlandse beleggers wilden graag geld uitlenen aan Spanje, omdat er geloofd werd dat daar groei zat. Een enorme hoeveelheid buitenlands geld stroomde het land binnen. Dat geld werd niet geïnvesteerd in bedrijven of ondernemingen maar ging vooral naar leningen voor projectontwikkelaars en hypotheken. Er ontstond via een housing and construction boom oververhitting van de economie, inflatie en hogere lonen. Lokale bedrijven en ondernemingen leden hieronder. Toen de housing bubble barstte kon het geld niet terugbetaald worden en vielen de banken om en belandde het land niet alleen in een economische crisis, maar ook in een bankencrisis.

Van dit mechanisme kunnen we leren, zegt Boot. Zodra je afhankelijk bent van buitenlands geld, ben je kwetsbaar. We moeten hier grip op krijgen. Daarnaast zou de Europese Unie er vooral voor moeten zorgen dat we bij elkaar willen horen. Dit kan bijvoorbeeld door cross border participatie ten opzichte van onderwijs te stimuleren of door samen iets te doen aan de jeugdwerkloosheid.

Zie hier de PowerPoint die Boot overigens slechts gedeeltelijk gebruikte tijdens zijn lezing.

 

Door: Femke Awater