Over het Centrum

Een krachtige democratie vraagt om een sterke journalistiek. In de radicaal veranderende mediawereld zijn snel werkende, betrouwbare en bovenal voortreffelijk geïnformeerde journalisten nodig.

De werkomstandigheden van journalisten veranderen ingrijpend. Er treden verschuivingen op in de markt, mede door een versnelde afkalving van de dagbladsector – een proces dat al in de jaren zestig begon. Er heerst een sterke concurrentie, niet alleen tussen de traditionele media onderling, maar ook tussen oude en nieuwe, digitale, media. Dit alles holt het traditionele economische model van pers en omroep uit en schept ruimte voor nieuwe initiatieven.

Ook de journalistiek als beroep verandert. De opkomst van het web als onuitputtelijke bron van informatie vereist nieuwe vaardigheden. Niet alleen bij het zoeken en selecteren van informatie, maar ook bij het toetsen van de betrouwbaarheid daarvan.

Door het samenvloeien van media verdwijnen vertrouwde grenzen. Steeds vaker opereert de journalist in een multimediale context. Het web als publicatieplatform stelt nieuwe eisen aan de journalist. Niet alleen op technisch niveau, ook inhoudelijk: de omlooptijd van nieuws is steeds korter, maar de strenge eisen van nieuwsgaring zijn nog steeds van kracht. Weblogs, als onderdeel van gevestigde websites of als zelfstandig medium, zijn een laagdrempelige vorm van informele journalistiek waarmee oude media zich vaak nog geen raad weten.

Het internet plaatst journalisten bovendien in een veranderde positie tegenover publiek, politici, experts, bedrijven en andere informatiebronnen. Die hebben zelf hun weg op het web gevonden en soms ontpoppen ze zich als tegenspeler of concurrent van de traditionele media.

Niet in de laatste plaats stelt ook de samenleving de journalist voor nieuwe uitdagingen door de ontwikkeling van een sterke public relations en communicatiesector.

Nieuws- en kennisorganisatie

Om de nieuwe situatie het hoofd te bieden, moeten professionele journalistieke organisaties zich in tenminste twee opzichten onderscheiden: als nieuwsorganisatie op betrouwbaarheid, snelheid en toegankelijkheid, en als kennisorganisatie op diepgang, overzicht en diversiteit. De Amerikaanse hoogleraar Mitchell Stephens bracht het als volgt onder woorden: “The old saying is that reporters are only as good as their sources. We will require many more journalists who, when occasion demands, are better than their sources, journalists who are impeccably informed.”

Of het nu om de financiering van de gezondheidszorg, om grondstoffenwinning, de situatie in “kruitvat” Pakistan of dopingkwesties gaat, de journalistiek moet zich als nieuwsorganisatie én als kennisorganisatie profileren. Daarbij doet het er eigenlijk niet toe of een medium zich nu vooral op het ene of het andere toelegt – in beide gevallen wordt van de journalist in deze tijd expertise gevraagd. Om die reden is het meer dan ooit noodzakelijk dat bijscholing een vast onderdeel van het personeelsbeleid is.

Expertise

Expert wordt men niet in het bestek van een seminar of een cursus. Daarvoor zijn een specialistische opleiding en een langdurige professionele ervaring nodig. Aan experts bestaat bij de media op zichzelf ook weinig behoefte. Media nemen zelden deskundigen in dienst, maar werken wel graag met journalisten die op verschillende terreinen expertise verwerven en in staat zijn bronnen te vinden en op waarde te schatten. Alleen bij vakbladen is vaak het omgekeerde aan de hand: daar ontwikkelen deskundigen zich tot journalist.

Meer en meer is het in de huidige mediawereld van belang de expertise op specifieke terreinen te versterken. Niet alleen voor mediaorganisaties, ook voor vrij gevestigde journalisten, wier aantal snel toeneemt. Want juist aan expertise zullen journalisten en mediaorganisaties steeds vaker hun merk, marktwaarde en succes ontlenen.

Op deze ontwikkelingen rond expertise speelt het centrum in. Deelnemers aan seminars en cursussen kennen na afloop de issues van de komende jaren op een specifiek gebied. Ze weten de gezaghebbende bronnen te vinden, te begrijpen en te gebruiken. Ze ontwikkelen het vermogen schijnbaar taaie materie in toegankelijke, nieuwswaardige berichtgeving te vertalen. Ze laten verbanden zien tussen incidenten en grotere ontwikkelingen en leggen verborgen kwesties bloot.

Bij de ontwikkeling van expertise horen zelfstandigheid en scherpte. Daarom wil het centrum een onafhankelijke, kritische blik stimuleren. Die kan ook dienen als tegenwicht voor de inbreng van voorlichters, communicatieadviseurs, aan sponsors gebonden wetenschappers en sommige commercieel of ideologisch georiënteerde bloggers, die allemaal in toenemende mate (en vaak verhuld) hun stempel drukken op de informatievoorziening.

Universiteit van Amsterdam en familie Sijthoff

De Nederlandse universiteiten hebben de journalistiek lang links laten liggen. Weliswaar is er de laatste vijftien jaar winst geboekt, maar op het terrein van de kennisbevordering door middel van post-academische cursussen bestaat vrijwel niets. Toch ligt juist hier voor de universiteit, als centrum van kennis en onderzoek, én als onderwijsinstelling, een taak. Daarom verleende de Universiteit van Amsterdam graag medewerking aan de totstandkoming van dit expertisecentrum, daarmee een voorbeeld nemend aan de Amerikaanse Columbia University en het Poynter Institute.

De universiteit prijst zich gelukkig met de bereidheid van een van de oudste uitgeversfamilies in ons land, de familie Sijthoff, om de realisering van dit plan financieel te ondersteunen. De Stichting A.W. Sijthoff kent een lange traditie in het “verheffen van het volk” en beschouwt een Expertisecentrum voor de journalistiek, dat zich indirect ook tot het Nederlandse publiek richt, als een nieuwe manier om dat ideaal vorm te geven.

Kenmerken programma

Op het eerste gezicht bestaat er buiten de reguliere journalistieke opleidingen aan hogescholen en universiteiten een redelijk aanbod aan cursussen. Maar wie verder kijkt, zal ontdekken dat die overwegend een elementair karakter hebben en vooral gericht zijn op specifieke vaardigheden. Die kant zal het Expertisecentrum niet opgaan. Het centrum biedt geen initiële scholing maar activiteiten voor journalisten die een stap opzij willen zetten, zodat ze als verslaggever, commentator, interviewer, onderzoeksjournalist of redactiechef beter beslagen ten ijs komen, en zich kunnen losmaken van de dagelijkse routines en de geijkte paden.

Alleen door aan te sluiten bij al aanwezige kennis en kwaliteiten van ervaren journalisten, heeft het organiseren van een kwaliteitsimpuls zin. De onderwerpen van de cursussen en seminars die het Centrum verzorgt, komen dan ook voor een belangrijk deel voort uit wensen die chefs, hoofdredacteuren en leden van de eigen Raad van Advies bij het centrum neerleggen. Daarbij kan men denken aan meerdaagse seminars, bijvoorbeeld over een actueel crisisgebied, met experts uit diverse disciplines (militair, antropologisch, historisch, godsdienstwetenschappelijk), of de economische ontwikkeling van China, recente tendensen in de oncologie of de stand van zaken in maatschappelijke sectoren als volkshuisvesting en gezondheidszorg.

Technologie en professionalisering

Het Expertisecentrum zal zich ook toeleggen op gespecialiseerde cursussen op het terrein van digitale technieken, waarin diverse thema’s aan bod komen, variërend van kennis over de werking van zoekmachines en de implicaties daarvan, webmapping en bronnenvalidatie.
Gedacht wordt verder aan cursussen over bepaalde wetenschapsgebieden of ingewikkelde financiële of bestuurlijke processen.

Waar mogelijk worden deze benadering en die van de digitale technieken integraal aangeboden, zodat deelnemers inhoudelijk én vakmatig aan hun trekken komen. Het centrum wil tevens het vermogen bevorderen tot het maken van journalistiek aantrekkelijke, deels multimediaal samengestelde producties.

Ten slotte zal er ruimte zijn voor masterclasses op specifieke journalistieke terreinen (kritiek, eindredactie, multimedia-tasking), alsmede voor cursussen en andere activiteiten gericht op het functioneren van de media en het journalistieke proces, bijvoorbeeld op het terrein van teammanagement, beeldrecht en andere juridische kwesties.

Makelaar in ideeën

Het Amsterdamse Expertisecentrum zal zich afficheren als een Post Graduate Institute, dat ten dienste staat aan de journalistieke beroepsgroep, niet alleen door individuele journalisten en redacties op maat te bedienen, maar ook door het denken over de journalistiek en het debat daarover te stimuleren. Een centrum, kortom, dat journalisten niet alleen gelegenheid biedt hun kennis uit te breiden en zich verder te specialiseren, maar optreedt als makelaar in ideeën. Dat laatste streven sluit aan bij de oprichting in 2005 van de groepsweblog De Nieuwe Reporter, een initiatief dat eveneens vanuit de afdeling Mediastudies aan de Universiteit van Amsterdam gestalte kreeg.

Het centrum zal zo ook een plaats zijn waar het debat over de ontwikkelingen in journalistiek en media gestalte krijgt. Het is daarbij niet de bedoeling te concurreren met andere debatcentra of instellingen als de Scholen voor Journalistiek en de universiteiten. De activiteiten van het centrum zullen vooral een ‘denktank’-karakter hebben, bedoeld voor specialisten en niet voor een algemeen publiek.

Lees ook: Tien vuistregels over expertise